vrijdag 9 oktober 2009
Een Perfecte Smokkelschoen
Ik woonde in Doetinchem en ik was daar aan het bijkomen van een half jaar studioarbeid. Iedere dag naar de studio in Haarlem. Absurde werktijden want ik kwam vaak thuis als de vogeltjes het weer gingen doen, we hadden grotendeels op drugs geleefd, coke, heroïne, speed en dan vergeet ik nog alle liters drank om die handel weg te spoelen, kortom, een zwaar leven. Ik werd in die tijd nog niet betaald om rocker te zijn, de rekeningen vlogen mij om de oren. Met mijn toenmalige verloofde had ik onenigheid over geld en ik besloot naar London te gaan. Ik wilde proberen, om de nummers die we hadden opgenomen, onder te brengen bij een bevriende uitgever. Op die manier kon iedereen weer aan geld komen. Drugs waren in die tijd nogal prijzig en zeker de coke kostte veel, dan moet je er ook wat voor doen tenslotte! Toen ik wilde vertrekken stond Jimmie ineens voor de deur, hij was alweer enige tijd onze huisdealer, en ook hij kwam vragen om geld. Ik gaf hem mijn Fender Stratocaster in koffer als onderpand, en vertrok naar Grave. Daar woonde een oud collega die mijn reis naar London kon sponsoren. Van Grave naar Schiphol, met onderweg veel gehaktstaven, coke en bier, het was een gezellige boel in de auto. De aankomst op Schiphol was een domper, het vliegtuig vertrok pas in de vroege ochtend. Om de nacht in de vertrekhal door te komen kocht ik wat xtc, in combinatie met de cognac van de see-buy-fly-winkel, zou dat weleens een onverwacht effect kunnen opleveren. Het resultaat viel tegen, de mensen werden groen, geel en blauw, en van de drank moest ik alsmaar waggelend naar de wc maar de coke wist mijn waggelgedrag aardig te corrigeren. Niet genoemd, die coke, maar op een geheime plek, de punt van mijn schoen, meegenomen dwars door de douane. Mooie schoenen trouwens, Joe Jackson had ze ook maar dan in het wit, een perfecte smokkelschoen. Ik heb ook weleens weed vervoerd in mijn schoenen. Rosie, de toenmalige verloofde van mijn schrijfpartner in crime John, rookte de hele dag door weed. Of ze nou aan het stofzuigen was of op de wc zat, overal was ze weed aan het roken, maar dat terzijde. Door het vroege vertrek arriveerde ik op een nogal vreemd tijdstip in London. De ochtend en middag kwam ik door in de pub en toen het avond begon te worden nam ik de taxi naar Belsize Park. John woont in een dure buurt. De happyfew, zoals de broertjes Oasis, voelt zich er thuis, de coke ligt er op de plankjes boven de wastafels, Abbey Road ligt om de hoek, een prima plek om een nachtje door te brengen. Bovenop de Hill, bij Haverstock Arms, verliet ik de taxi, mijn plastic tas met songteksten liet ik achter, en ik ging bij de pub naarbinnen door de vooringang, na een heerlijk glas gekoelde bitter verliet ik de pub door de zij-ingang, ik besloot om mij enige tijd te verstoppen in de heg totdat de cabbie was vertrokken. Na een minuut of tien gaf hij het op en ging ik naar Howittt road, het einde van de reis was in zicht! We hebben nog tot diep in de nacht zitten schuddebuiken, we zaten op de grond, en onder het genot van twee flessen rode wijn, nootjes, en de meegenomen drugs kwamen we de nacht door. De volgende dag ging ik trouwens weer naar huis want de drugs waren op, en Colin de uitgever was niet thuis. Bovendien moest ik ook nog bedenken hoe ik weer thuis kon komen. Het leven van een rocker kent ook zijn dalen, diepe dalen, eerwaarde. Amen!
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten